Iedere organisatie heeft ze.
Iedereen heeft ze.
Aannames.
Niet de aannames waarover wordt gediscussieerd.
Maar juist de aannames die zo vanzelfsprekend zijn geworden, dat niemand zich nog afvraagt of ze eigenlijk wel kloppen.
Zo doen we dat hier
Het zijn vaak onschuldige zinnen.
"Zo doen we dat hier."
"Dat hebben we altijd zo gedaan."
"Dat werkt nu eenmaal zo."
Op het eerste gezicht lijken ze logisch.
Totdat je ontdekt dat niemand nog weet waarom.
Aannames besparen tijd
Dat is ook hun kracht.
We hoeven niet iedere dag opnieuw alles te onderzoeken.
We bouwen op ervaring.
Op kennis.
Op gewoontes.
En meestal werkt dat prima.
Tot de omstandigheden veranderen.
Dan kan een oude aanname ineens de grootste belemmering worden voor een nieuwe oplossing.
De vraag die zelden wordt gesteld
Wanneer iets vastloopt, zoeken we vaak naar een oorzaak.
Maar misschien is een betere vraag:
Welke aanname nemen we hier als vanzelfsprekend aan?
Die vraag verandert de manier waarop je kijkt.
Niet naar wat zichtbaar is.
Maar naar wat onzichtbaar richting geeft aan ons denken.
Helderheid vóór uitvoering
Voor mij begint helderheid vaak niet met nieuwe informatie.
Ze begint met het onderzoeken van wat we denken al te weten.
Want juist daar liggen de grootste blinde vlekken.
Niet omdat mensen niet nadenken.
Maar omdat sommige overtuigingen zo vertrouwd zijn geworden dat niemand ze nog opmerkt.
Wie bereid is om ook zijn eigen aannames te onderzoeken, ontdekt vaak dat het probleem kleiner is dan gedacht.
Of juist heel ergens anders ligt.
En precies daar ontstaat ruimte voor betere besluiten.
Niet door harder te werken.
Maar door scherper te kijken.
Meer inzichten over Helderheid vóór uitvoering vind je op:
Jouke Harder
Lemmer, Friesland