We zijn gewend om vooruitgang te meten aan beweging.
Iets is afgerond.
Een besluit is genomen.
Een probleem is opgelost.
Een volgende stap is gezet.
Dus voelt stilstaan al snel alsof je achterloopt.
Maar beweging en vooruitgang zijn niet hetzelfde.
Doorgaan voelt vaak beter
Wanneer iets niet loopt zoals we willen, ontstaat gemakkelijk de neiging om iets te doen.
Aanpassen.
Versnellen.
Een nieuwe oplossing proberen.
Dat geeft het gevoel dat er iets gebeurt.
Maar soms is de belangrijkste vraag niet:
"Wat moeten we nu doen?"
Maar:
"Moeten we eigenlijk wel verder?"
Ook niets doen kan een keuze zijn
Stilstaan betekent niet automatisch dat je niets doet.
Soms betekent het dat je weigert om verder te gaan zolang niet duidelijk is waar je naartoe gaat.
Dat kan ongemakkelijk zijn.
Zeker wanneer anderen al bezig zijn.
Maar een verkeerde richting wordt niet beter doordat je sneller loopt.
Eerst opnieuw kijken
Wanneer iets niet werkt, zoeken we vaak naar de volgende stap.
Misschien zit de winst juist in een stap terug.
Wat weten we eigenlijk zeker?
Welke aanname gebruiken we?
Wat proberen we op te lossen?
En klopt de richting die we gekozen hebben nog steeds?
Dat zijn geen vertragingen.
Het zijn manieren om te voorkomen dat je veel energie steekt in iets wat uiteindelijk niet de juiste kant op gaat.
Helderheid vóór uitvoering
Voor mij betekent helderheid niet dat je altijd een antwoord hebt.
Het betekent dat je weet waarom je de volgende stap zet.
Soms is dat een grote beslissing.
Soms is het juist besluiten om vandaag nog niets te veranderen.
Want niet iedere stap vooruit is vooruitgang.
Soms is stilstaan precies wat nodig is om weer te zien waar je naartoe wilt.
En wanneer dat duidelijk wordt, krijgt de volgende stap vanzelf meer betekenis.